Een vrouw met een kind zit stil en gebogen in een boot, terwijl een veerman hen naar de overkant brengt. Voorin de boot staan zes zwaarden rechtop. Het water is dichtbij nog onrustig, maar verderop, aan de andere kant van de boot, richting de horizon, is het vlak en rustig.
De Zes van Zwaarden gaat over een overgang: je laat een moeilijke of onrustige situatie achter je en beweegt richting rustiger vaarwater. Er is een keuze gemaakt: je laat het oude achter je en bent onderweg naar een nieuwe fase, ook al is nog niet helemaal duidelijk wat je daar zult vinden. De mensen in de boot laten zien dat waar je vandaan komt niet gemakkelijk is geweest en dat de keuze niet zomaar gemaakt werd. De zes zwaarden die meegaan, wijzen erop dat je oude gedachtenpatronen nog niet hebt losgelaten.
Toch biedt de horizon uitzicht op hoop en nieuwe mogelijkheden. De veerman laat zien dat beweging pas mogelijk wordt door contact met jezelf en helderheid over je eigen motieven. Zodra je weet wat je werkelijk drijft, vind je de kracht om de overtocht te maken.